Deze website maakt gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.

Samenhangende overeenkomsten en onrechtmatige daad,
ook zonder wanprestatie opgelet voor het derdenbelang

HR 14 juli 2017, ECLI:NL:HR:2017:1355

Relevantie:

  • In  beginsel binden overeenkomsten alleen partijen.
  • Onder omstandigheden kan het niet-nakomen van een overeenkomst onrechtmatig zijn jegens een derde.
  • Daarvoor is niet steeds wanprestatie nodig.

Inleiding

Een belangrijk beginsel in het Nederlands recht is de contractsvrijheid. Partijen zijn als uitgangspunt vrij om te contracteren met wie zij willen, maar ook om dat niet te doen. In beginsel ontstaan pas verplichtingen indien een overeenkomst tot stand komt en dan alleen tussen de partijen bij die overeenkomst. Op dat “in beginsel” bestaan echter uitzonderingen. Zo wordt in de rechtspraak aanvaard dat ook in de onderhandelingsfase al verplichtingen kunnen bestaan (de precontractuele goede trouw), dus als er nog geen overeenkomst is. Daarnaast zijn situaties mogelijk waarin het niet uitvoeren van een overeenkomst onrechtmatig kan zijn tegenover een derde die bij deze overeenkomst geen partij is. Dat kan aan de orde zijn wanneer dit niet-uitvoeren, kort gezegd, in strijd komt met hetgeen in het maatschappelijk verkeer betaamt. Dit is een zogenaamde “open norm” en waartoe die leidt, moet van geval tot geval worden beoordeeld.

Nu heeft de Hoge Raad voor enkele typen van gevallen geoordeeld dat het niet-nakomen van een overeenkomst onrechtmatig kan zijn tegenover een derde. Een type ziet op het geval waarin een partij profiteert van de wanprestatie van een ander. Stel bijvoorbeeld dat iemand een huis koopt en geleverd krijgt, terwijl hij weet dat hetzelfde huis al aan een ander is verkocht en de verkoper jegens die eerste koper wanprestatie pleegt. Dat kan onrechtmatig handelen van de tweede koper opleveren. Of dat zo is, hangt af van de bijkomende bijzonderheden. Een ander type is het geval waarin een overeenkomst een schakel vormt in een geheel van samenhangende overeenkomsten en het niet uitvoeren van een van die overeenkomsten nadeel oplevert voor een andere partij bij een andere overeenkomst. Ook dat kan onder omstandigheden onrechtmatig handelen meebrengen. Daarover gaat het hier besproken arrest.

De feiten van de zaak

In deze zaak ging het om een overeenkomst tussen een ontwikkelaar en een woningcorporatie inzake een projectontwikkeling. De woningcorporatie had bedongen dat zij de overeenkomst mocht ontbinden indien niet tenminste 20 woningen in het project werden verkocht. Om te voorkomen dat het zover zou komen had de ontwikkelaar als een vorm van zekerheid een overeenkomst gesloten met een derde partij. Deze derde partij zou (met korting) maximaal 20 woningen afnemen als die niet op een andere manier werden verkocht. En als het niet nodig zou blijken om woningen te kopen, zou de derde € 15.000,– per niet afgenomen woning (dus maximaal € 300.000,–) ontvangen als vergoeding voor het bieden van deze zekerheid. Het liep echter anders, want het ging niet goed met de ontwikkelaar, de financier lag dwars en uiteindelijk werd het project geherstructureerd. Als onderdeel van de herstructurering werd de overeenkomst tussen de ontwikkelaar en de woningcorporatie ontbonden. Dat gaf de ontwikkelaar het recht om de overeenkomst met de derde ook te ontbinden en dat gebeurde ook. Geen korting op koop dus en ook geen vergoeding van in totaal € 300.000,– voor deze derde. Dat gaf aanleiding tot een procedure waarin bij de Hoge Raad nog slechts van belang was of de derde een claim op de woningcorporatie had. Het gerechtshof had die claim afgewezen. Het gerechtshof vatte de relevante rechtsregel zo samen dat: “de wanprestatie van een contractspartij onder omstandigheden tevens een onrechtmatige daad jegens een derde kan opleveren.” Nu de woningcorporatie niet tekortgeschoten was in de nakoming van haar overeenkomst met de ontwikkelaar, was volgens het gerechtshof geen sprake van een onrechtmatige daad.

Het oordeel van de Hoge Raad

De Hoge Raad vat eerst nog eens samen wat de relevante rechtsregel is:

Wanneer iemand zich contractueel heeft gebonden, waardoor de contractsverhouding waarbij hij partij is in het rechtsverkeer een schakel is gaan vormen waarmee de belangen van derden, die aan dit verkeer deelnemen, in allerlei vormen kunnen worden verbonden, staat het hem niet onder alle omstandigheden vrij de belangen te verwaarlozen die derden bij de behoorlijke nakoming van het contract kunnen hebben. Indien de belangen van een derde zo nauw zijn betrokken bij de behoorlijke uitvoering van de overeenkomst dat hij schade of ander nadeel kan lijden als een contractant in die uitvoering tekortschiet, kunnen de normen van hetgeen volgens ongeschreven recht in het maatschappelijk verkeer betaamt, meebrengen dat die contractant deze belangen dient te ontzien door zijn gedrag mede door die belangen te laten bepalen. Bij de beantwoording van de vraag of deze normen dit meebrengen, zal de rechter de terzake dienende omstandigheden van het geval in zijn beoordeling dienen te betrekken, zoals de hoedanigheid van alle betrokken partijen, de aard en strekking van de desbetreffende overeenkomst, de wijze waarop de belangen van de derde daarbij zijn betrokken, de vraag of deze betrokkenheid voor de contractant kenbaar was, de vraag of de derde erop mocht vertrouwen dat zijn belangen zouden worden ontzien, de vraag in hoeverre het voor de contractant bezwaarlijk was met de belangen van de derde rekening te houden, de aard en omvang van het nadeel dat voor de derde dreigt en de vraag of van hem kon worden gevergd dat hij zich daartegen had ingedekt, alsmede de redelijkheid van een eventueel aan de derde aangeboden schadeloosstelling.

Zoals hieruit al volgt, is het gerechtshof, zo oordeelt de Hoge Raad, van een onjuiste rechtsopvatting uitgegaan. Gegeven het beoordelingskader is bepalend of de aangesproken partij haar verklaringen en gedragingen met betrekking tot de overeenkomst waarbij zij (wel) partij is, mede diende te laten bepalen door de belangen van de betrokken derde. Wat dus niet vereist is, is dat de aangesproken partij (hier: de woningcorporatie) wanprestatie heeft gepleegd.

Betekenis

Het oordeel van de Hoge Raad betekent niet dat de woningcorporatie in deze zaak nu werkelijk onrechtmatig tegenover de derde heeft gehandeld. Het gerechtshof had zijn beoordeling echter niet mogen afsluiten met de vaststelling dat van wanprestatie geen sprake was, maar had moeten onderzoeken of de woningcorporatie zich de belangen van de derde had moeten aantrekken toen zij in overleg met de ontwikkelaar tot herstructurering van de afspraken besloot. Dat vereist een nader onderzoek van de feiten en een ander gerechtshof zal zich daarover moeten buigen.

Dit arrest van de Hoge Raad scherpt nog eens in dat men ook in het rechtsverkeer rekening met elkaar dient te houden. Dat wil echter niet zeggen dat heel snel van een onrechtmatige daad tegenover derden sprake zal zijn als een overeenkomst niet wordt nagekomen. Alleen “onder omstandigheden” staat het partijen niet vrij de belangen van derden “ te verwaarlozen”. De belangen van de derde moeten “nauw” bij de overeenkomst betrokken zijn en wel zo nauw dat hij schade of ander nadeel lijdt als de overeenkomst niet behoorlijk wordt nagekomen. De feitelijke omstandigheden moeten zorgvuldig worden gewogen en bovendien moet de derde er ook redelijkerwijs op hebben mogen vertrouwen dat zijn belangen zouden worden ontzien.

Het uitgangspunt is en blijft daarmee dat overeenkomsten alleen partijen binden. Dat is maar goed ook. Het zou de contractsvrijheid en het rechtsverkeer aanzienlijk belemmeren als derde partijen zich in iedere rechtsverhouding zouden kunnen binnenwurmen. Toch blijft het opletten. Zeker in gevallen waarin het gebruikelijk is dat meerdere samenhangende overeenkomsten tussen verschillende partijen worden gesloten – zoals bij project- en gebiedsontwikkeling – zal moeten worden nagedacht over de belangen van derden en de vraag of die moeten worden ontzien. Dat vergt een zorgvuldige beoordeling die, zo leert dit arrest, niet ophoudt met de vaststelling dat geen sprake is van wanprestatie.

Heb je vragen of opmerkingen over dit stuk? Neem gerust contact op met Elmer van der Kamp