Trip begeleidt Sacha bij overname Manfield

Trip Advocaten & Notarissen heeft de eigenaar van schoenretailer Termeer Schoenen B.V., tevens handelende onder de naam Sacha (hierna: “Sacha”) bij de overname van de activa en activiteiten van Manfield B.V. begeleid. Manfield B.V. is één van de failliete vennootschappen van schoenenwinkelketen Macintosh Retail Group N.V. Manfield B.V. komt hiermee in handen van dezelfde eigenaar als Sacha, het familiebedrijf van de familie Termeer. Sacha heeft op dit moment 75 winkels, verspreid over vijf landen, waarvan 45 vestigingen in Nederland. Manfield B.V. heeft 69 vestigingen. Het doel is om zoveel mogelijk banen en winkels te behouden.

Vanuit Trip Advocaten & Notarissen is de transactie begeleid door Jeroen Reiziger, Hilda Meijer en Christian Glas.

|

Trip begeleidt Ziengs bij overname Scapino

Trip Advocaten & Notarissen heeft Henk Ziengs, eigenaar van onder meer Ziengs Schoenen B.V., bij de overname van de activa en activiteiten van Scapino B.V. begeleid.
Scapino B.V. is één van de failliete vennootschappen van schoenenwinkelketen Macintosh Retail Group N.V., waar ook onder andere Dolcis B.V., Manfield B.V., Invito B.V. en Prosport B.V. deel van uitmaken.
Scapino B.V. komt hiermee weer in handen van de zoon van de oorspronkelijke oprichter van Scapino B.V. Ziengs wil verder met een groot deel van de in totaal bijna 200 Scapino-vestigingen inclusief personeel.
De Autoriteit Consument en Markt (ACM) heeft een ontheffing voor deze transactie verleend.
 
Vanuit Trip Advocaten & Notarissen is de transactie begeleid door Jeroen Reiziger, Hilda Meijer en Christian Glas

 

één maand korter om uw jaarrekening vast te stellen en te publiceren

één maand korter om uw jaarrekening vast te stellen en te publiceren

Met ingang van het boekjaar 2016 gelden verkorte termijnen voor het opmaken en publiceren van jaarrekeningen van vennootschappen.

Vaststellingstermijn naar maximaal tien maanden

Om aan te sluiten bij de Europese richtlijn jaarrekening is de vaststellingstermijn voor jaarrekeningen wettelijk per 1 november 2015 gewijzigd. Dit maakt dat vanaf het boekjaar 2016 de termijn voor het opmaken en publiceren van uw jaarrekening met een maand is verkort.

Voorheen gold dat de jaarrekening jaarlijks binnen vijf maanden na afloop van het boekjaar diende te worden opgemaakt, met een mogelijke verlengingstermijn van zes maanden. De verlengingstermijn van zes maanden is nu verkort tot een maximale verlengingstermijn van vijf maanden.

Hiermee komt de totale termijn voor het opmaken van de jaarrekening op maximaal tien maanden na afloop van het boekjaar, in plaats van maximaal elf maanden.

Deze verandering zal van toepassing zijn voor boekjaren die aanvangen op of na 1 januari 2016.

Publicatietermijn naar maximaal twaalf maanden

Artikel 394 boek 2 BW regelt de verplichtingen rondom de publicatie van de jaarrekening. In Nederland gold tot 1 november 2015 een uiterste publicatietermijn van dertien maanden na afloop van het boekjaar.

Genoemde Europese richtlijn jaarrekening stelt echter dat de jaarrekening binnen een redelijke termijn van niet meer dan twaalf maanden na balansdatum openbaar dient te worden gemaakt. In verband hiermee is het genoemde wetsartikel met ingang van 1 november 2015 gewijzigd in die zin dat de uiterste publicatietermijn van dertien maanden is verkort tot twaalf maanden.

Het eerste lid van dit artikel legt aan vennootschappen de verplichting op de jaarrekening binnen acht dagen na vaststelling daarvan openbaar te maken.

Moet u de statuten nu wijzigen?

Nee, die verplichting heeft u niet. In de meeste statuten staat de oude wettelijke verlengingstermijn voor de vaststelling van de jaarrekening van zes maanden vermeld. De wettelijke verlengingstermijn is echter leidend, zodat ook in die gevallen de verlengingstermijn maximaal vijf maanden bedraagt.

Er rust dus geen verplichting op vennootschappen om de statuten alleen vanwege dit aspect te laten aanpassen. Ter voorkoming van verwarring is het wel raadzaam het wijzigen van de betreffende bepaling mee te nemen zodra er meer redenen zijn om de statuten aan te passen.

Neem gerust contact op met mevrouw mr. Simone Frugte als u een concrete vraag heeft over de termijnen voor de vaststelling en publicatie van uw jaarrekening.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met:

mevrouw mr. Simone Frugte of met één van de andere collega’s van onze sectie Ondernemingsrecht

|

Nieuwe regeling aanwijzing DGA per 1 januari 2016

Nieuwe regeling aanwijzing DGA per 1 januari 2016

Met ingang van 1 januari 2016 is de oude Regeling aanwijzing DGA (directeur/groot aandeelhouder) vervangen door een nieuwe Regeling aanwijzing DGA. Bent u statutair bestuurder van een besloten (of naamloze) vennootschap, lees dan verder om na te gaan of de nieuwe Regeling Aanwijzing DGA invloed heeft op uw positie.

Uitgangspunten oude en nieuwe regeling

In zowel de oude als de nieuwe regeling staat centraal de regeling aan de hand waarvan kan worden bepaald hoe een statutair bestuurder van een vennootschap voor de werknemersverzekeringen dient te worden aangemerkt. Dient de statutair bestuurder te worden gekwalificeerd als werknemer, werkzaam op basis van een arbeidsovereenkomst, dan wel dient hij/zij te worden betiteld als DGA?

Voor het bestaan van een arbeidsovereenkomst voor de werknemersverzekeringen is de gezagsverhouding een zeer relevante factor. Kan een voor de vennootschap werkzame statutair bestuurder zonder zijn/haar medewerking worden ontslagen? Zo ja, dan is een gezagsverhouding aanwezig en geldt de statutair bestuurder als werknemer voor de werknemersverzekeringen. Zo nee, dan ontbreekt een gezagsverhouding.

Bij het ontbreken van een gezagsverhouding is geen sprake van een arbeidsovereenkomst in de zin van de werknemersverzekeringen. Gevolg hiervan is dat de DGA niet verplicht is verzekerd voor de werknemersverzekeringen (Ziektewet, Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen en Werkloosheidswet). Dit maakt dat voor de DGA geen premies worden afgedragen en dat de DGA op zijn/haar beurt geen beroep op bedoelde verzekeringswetten kan doen.

Ingeval de bestuursfunctie middels een rechtspersoon (bijvoorbeeld een persoonlijke houdstervennootschap) wordt uitgeoefend, wordt ten aanzien van de verzekeringsplicht voor de werknemersverzekeringen gekeken naar de natuurlijke persoon die de feitelijke werkzaamheden verricht.

De oude regeling is met ingang van 1 januari 2016 ingetrokken en per dezelfde datum vervangen door de nieuwe regeling. De wetgever heeft blijkens de Memorie van Toelichting bij de nieuwe regeling beoogd voor het merendeel van de statutair bestuurders van vennootschappen de bestaande situatie te continueren. De nieuwe regeling is bedoeld de bestaande praktijk te verduidelijken en alleen waar nodig aan te passen. Ik zal mij beperken tot het benoemen van de wijzigingen tussen beide regelingen.

Oude regeling tegen achtergrond van de wet Flex-B.V.

Tot 1 januari 2016 gold dat u, als u als DGA de feitelijke macht had in de algemene vergadering (van aandeelhouders) van de vennootschap, daaraan niet ondergeschikt was, zodat geen sprake was van een gezagsverhouding. De ondergeschiktheid werd daarbij bepaald aan de hand van het door u, al dan niet tezamen met uw echtgenoot, gehouden percentage in het geplaatste aandelenkapitaal en daarmee aan de hand van het aantal stemmen dat u, al dan niet tezamen met uw echtgenoot, kon uitbrengen in de algemene vergadering.

U kwalificeerde ook als DGA als tenminste tweederde deel van de aandelen in de vennootschap werd gehouden door uw bloed- of aanverwanten tot en met de derde graad. De aandelen die u als statutair bestuurder mogelijk zelf hield, deden voor de berekening van het percentage niet ter zake. De Hoge Raad heeft dit in de overwegingen bij een arrest van 22 maart 2013 bevestigd.

Sinds de invoering van de Wet vereenvoudiging en flexibilisering bv-recht (hierna: Wet Flex-BV) per 1 oktober 2012 bestaat er veel meer ruimte om de statuten van een besloten vennootschap in te richten naar de wensen van de betrokkenen. Er bestaat sindsdien ook meer vrijheid om in de statuten te bepalen op welke wijze vorm wordt gegeven aan de bevoegdheid om een statutair bestuurder van een besloten vennootschap te ontslaan.

Waar de statuten voor de invoering van de Wet Flex-BV het ontslagrecht bij de algemene vergadering (van aandeelhouders) legden, kan dit nu anders. Zo is het nu mogelijk om in de statuten te bepalen dat een statutair bestuurder wordt ontslagen door de vergadering van houders van aandelen van een bijzondere soort of aandelen met een bepaalde aanduiding. Denk daarbij aan de volgende voorbeeldsituatie: stel de aandelen in een vennootschap zijn onderverdeeld in één of meerdere aandelen A, aandelen B en aandelen C. Aan de vergadering van houders van iedere afzonderlijke serie van letteraandelen wordt in de statuten het recht verleend een statutair bestuurder te benoemen en te ontslaan. Het is dan niet relevant hoeveel aandelen van iedere letterserie zijn uitgegeven. Stel dat slechts één aandeel van de letterserie C wordt uitgegeven, dan doet de uitgifte van dit ene aandeel al het recht ontstaan om een statutair bestuurder te benoemen en te ontslaan. Als de houder van dit ene aandeel van de letterserie C tevens de statutair bestuurder is die kan worden ontslagen door de vergadering van de houders van aandelen van de letterserie C, dan ontbreekt een gezagsverhouding tussen de statutair bestuurder en de vennootschap.

Daarmee is het dus in het gegeven voorbeeld voor het bepalen van de gezagsverhouding slechts relevant hoeveel procent van de aandelen van een bepaalde letterserie door de statutair bestuurder wordt gehouden.

Door deze grotere vrijheid in de vormgeving en de bevoegdheid tot ontslag van statutair bestuurders sloot de tekst van de oude Regeling aanwijzing DGA niet meer voldoende aan bij de mogelijkheden die de wet nu geeft.

Nieuwe regeling

In de nieuwe regeling wordt voor de vraag of een DGA in een gezagsverhouding tot de vennootschap staat genuanceerder gekeken naar de invloed die de statutair bestuurder heeft op zijn/haar ontslag.

De nieuwe regeling bepaalt dat een statutair bestuurder (ondermeer) als DGA wordt aangemerkt als hij, al dan niet tezamen met zijn echtgenoot, houder is van een zodanig aantal aandelen, al dan niet van een bepaalde soort of aanduiding, dat hij, al dan niet tezamen met zijn echtgenoot, ingevolge de statuten van de vennootschap over zijn ontslag kan besluiten.

Hiermee is aansluiting gezocht bij de hiervoor omschreven flexibelere mogelijkheden om het ontslagrecht van een statutair bestuurder in de statuten te regelen.

Verder is van de gelegenheid gebruik gemaakt om een wijziging door te voeren in de hiervoor gememoreerde bepaling die bewerkstelligde dat een statutair bestuurder als DGA werd betiteld omdat tenminste tweederde deel van de aandelen in de vennootschap werd gehouden door zijn/haar bloed- of aanverwanten tot en met de derde graad. In de nieuwe regeling worden de aandelen die de statutair bestuurder zelf houdt meegenomen bij het bepalen van het percentage.

Verandert er iets voor u?

In de meeste gevallen zal de Nieuwe Regeling aanwijzing DGA niet leiden tot veranderingen.

Wanneer kan de nieuwe regeling gevolgen voor u hebben? Dit zal in beginsel alleen het geval zijn indien u als statutair bestuurder zelf ook aandelen houdt in de vennootschap waarvan u bestuurder bent en u alleen onder de hiervoor vermelde uitleg van de Hoge Raad onder de oude regeling als verzekerd voor de werknemersverzekeringen werd aangemerkt. Komt de optelsom van uw eigen gehouden aandelen en de aandelen die worden gehouden door uw bloed- en aanverwanten boven de gestelde ondergrens, dan geldt met ingang van 1 januari 2016 voor u geen verzekeringsplicht meer. Gevolg voor u zal zijn dat u met ingang van 1 januari 2016 geen beroep meer kunt doen op de werknemersverzekeringen.

Neem gerust contact op met mevrouw mr. Simone Frugte als u een concrete vraag heeft over de gevolgen van de invoering van de Nieuwe Regeling aanwijzing DGA in uw situatie.

.