De wederpartij meende gelijk te hebben. Wij wisten wel beter.
De rechter was overtuigd. Wij waren overtuigend.
Onze cliënt leunde achterover. Wij gingen er nog eens voor zitten.
Een gecompliceerde koopovereenkomst. Wij zorgden dat het goed uitpakte.
De wederpartij meende gelijk te hebben. Wij wisten wel beter.
Een probleemloze overdracht. Dat was ons aandeel.